De meeste belastingadviseurs in Curacao zijn prima opgeleid en weten wat ze doen. Ze kunnen de afweging maken tussen de "cost and benefit" van hun advies en ook technisch valt vaak weinig op aan te merken. Er zijn echter ook een paar zwarte schapen onder ons.
In de serie "Foute adviezen" ga ik een paar adviezen beschrijven die niet goed zijn danwel regelrecht onrechtmatig.
Een vennootschap met forse winstreserves werd bijvoorbeeld door een belastingadviseur voorgehouden om deze winstreserves om te zetten in aandelenkapitaal en om vervolgens het aandelenkapitaal te verminderen en het verminderde deel (onbelast) terug te betalen aan de aandeelhouder. Daarvoor zijn notariele aktes benodigd dus een notaris werkt klaarblijkelijk mee aan deze gang van zaken.
Waarom kan dit niet? Je kunt enkel iets op aandelen storten indien zich dan nog niet in de vennootschap bevindt. Dus indien je winstreserves op aandelen wil storten zul je die winstreservers er eerst uit moeten halen. Bij een aandeelhouder/natuurlijk persoon levert dat "er uit halen" een belastingdruk op van 19,5 procent. Als deze aandeelhouder netjes die 19,5 procent dividend -want dat is het- aangeeft in je aangifte inkomstenbelasting en dan stort op deze aandelen is er niets aan de hand. Maar dat is een zinloze exercitie. De notaris in kwestie is klaarblijkelijk bereid om onder voorbijgaan aan de dividenduitkering de winstreserve onbelast om te zetten in aandelenkapitaal.
De aandeelhouder verzwijgt het dividend in zijn aangifte en maakt zich daardoor schuldig aan een fiscaal delict. Ook strafrechtelijk overigens want dit levert valsheid in geschrifte op en ook het witwasdelict. De betreffende adviseur en de notaris zijn medeplichtig of medepleger in deze en kunnen dus ook voor het bankje van onze rechters belanden.
Indien bovenstaande aan u wordt geadviseerd ren dan hard weg!
www.mullertax.com/ Schouwburgweg 3/ Curacao, Dutch West Indies (**) 599 9 7374916/ info@mullertax.com
Showing posts with label belasting advies curacao. Show all posts
Showing posts with label belasting advies curacao. Show all posts
April 07, 2016
August 10, 2014
Jort Kelder op Curacao
Gistermiddag -het was zaterdag- zat ik wat te stoeien op het internet en kwam bijgaand filmpje tegen:
Belastingadvies op Curacao
Jort Kelder, iemand die beroemd is geworden toen hij hoofdredacteur van de Quote was en naar ik meen vanwege een relatie met een fraaie BN-er gaat op onderzoek uit naar belastingbesparing. Hij spreekt met twee mensen uit de trustsector (de beroemde Greg Elias heeft ze ooit trustboeren genoemd en dat mag omdat hij dat zelf ook is) en een belastingadviseur van KPMG. De mensen uit de trust weten eigenlijk meteen wat er moet gebeuren zonder dat ze veel inzicht krijgen in de financiële positie van heer Kelder. De belastingadviseur, de heer mr. Wendell Meriaan van mijn overburen KPMG, is veel voorzichtiger en houdt wat slagen om de arm. Hoewel ik natuurlijk liever geen reclame maak voor KPMG gaat mijn voorkeur wel uit naar de insteek van Meriaan.
Tot achterin de negentiger jaren van de vorige eeuw werden door trustboeren en belastingadviseurs standaardadviezen verstrekt aan hun (potentiële) cliënten. Aangezien ik in 1995 op Curaçao ben beland heb ik dat nog van dichtbij meegemaakt. Door wetswijzigingen op Curaçao en in bijvoorbeeld Nederland is het tegenwoordig niet heel verstandig om nog standaardadviezen te verstrekken. Het is maatwerk en daarom zie je dat Meriaan zich heel voorzichtig uitlaat. Mocht u geïnteresseerd zijn in belastingbesparing waarin bijvoorbeeld Curaçao een rol in kan spelen wil u ook dan ook aanraden om u in eerste instantie tot een belastingadviseur te wenden. De latere invulling kan dan door een trustkantoor worden uitgevoerd.
Belastingadvies op Curacao
Jort Kelder, iemand die beroemd is geworden toen hij hoofdredacteur van de Quote was en naar ik meen vanwege een relatie met een fraaie BN-er gaat op onderzoek uit naar belastingbesparing. Hij spreekt met twee mensen uit de trustsector (de beroemde Greg Elias heeft ze ooit trustboeren genoemd en dat mag omdat hij dat zelf ook is) en een belastingadviseur van KPMG. De mensen uit de trust weten eigenlijk meteen wat er moet gebeuren zonder dat ze veel inzicht krijgen in de financiële positie van heer Kelder. De belastingadviseur, de heer mr. Wendell Meriaan van mijn overburen KPMG, is veel voorzichtiger en houdt wat slagen om de arm. Hoewel ik natuurlijk liever geen reclame maak voor KPMG gaat mijn voorkeur wel uit naar de insteek van Meriaan.
Tot achterin de negentiger jaren van de vorige eeuw werden door trustboeren en belastingadviseurs standaardadviezen verstrekt aan hun (potentiële) cliënten. Aangezien ik in 1995 op Curaçao ben beland heb ik dat nog van dichtbij meegemaakt. Door wetswijzigingen op Curaçao en in bijvoorbeeld Nederland is het tegenwoordig niet heel verstandig om nog standaardadviezen te verstrekken. Het is maatwerk en daarom zie je dat Meriaan zich heel voorzichtig uitlaat. Mocht u geïnteresseerd zijn in belastingbesparing waarin bijvoorbeeld Curaçao een rol in kan spelen wil u ook dan ook aanraden om u in eerste instantie tot een belastingadviseur te wenden. De latere invulling kan dan door een trustkantoor worden uitgevoerd.
July 07, 2014
December 12, 2013
Fout van de behandelende ambtenareren verhinderde navordering (taxence.nl)
Fout behandelende ambtenaren verhinderde navordering
De belastinginspecteur kan de te weinig geheven belasting niet navorderen als een aanslag onjuist is vastgesteld als gevolg van een verwijtbaar onjuiste inzicht van andere belastingambtenaren in de feiten of in het recht. Het verwijtbaar onjuiste inzicht van deze ambtenaren wordt namelijk toegerekend aan de inspecteur.
In beginsel kan de inspecteur de te weinig geheven belasting alleen navorderen als sprake is van een nieuw feit. De inspecteur heeft echter geen nieuw feit nodig om na te vorderen in gevallen waarin wegens een fout een aanslag ten onrechte achterwege is gelaten of tot een te laag bedrag is vastgesteld, hetgeen de belastingplichtige redelijkerwijs kenbaar is. Hiervan is in ieder geval sprake als de te weinig geheven belasting minstens 30% lager is dan de volgens de belastingwet verschuldigde belasting. Hof Arnhem-Leeuwarden heeft duidelijk gemaakt dat in dergelijke gevallen een inzichttoets en een discrepantietoets moet plaatsvinden. Er wordt dan gekeken of de fout als gevolg waarvan te weinig belasting is geheven, voortvloeide uit een verwijtbaar onjuiste inzicht van de inspecteur in de feiten of in het recht en of die fout heeft geleid tot een discrepantie tussen wat de inspecteur wilde en wat in het aanslagbiljet is vastgelegd. Volgens het hof was in dit specifiek geval sprake van een verwijtbaar onjuiste inzicht van de ambtenaren die de aangiften hadden behandeld van een man die een pand verhuurde aan een bv waarin zijn echtgenote een indirect aanmerkelijk belang had. De ambtenaren in kwestie hadden namelijk nagelaten de aangiften waarvan de onjuistheid door een boekenonderzoek aan het licht was gekomen, in het traject van geautomatiseerde afdoening en verwerking van aangiften te blokkeren. Dit verwijtbaar onjuiste inzicht in de feiten moest volgens de rechter worden toegerekend aan de inspecteur. Navordering was daarom uitgesloten.
Wet: artikel 16 AWR
December 07, 2013
Penshonadoregeling
De inhoud van de penshonadoregeling is voor velen welbekend. Boven de 50, eigen woning met een aankoopprijs van minimaal ANG 450.000, in beginsel een verbod om op Curacao te werken (behalve middels een "eigen" vennootschap. Men betaalt dan 10 procent inkomstenbelasting op kwalificerend inkomen, minimaal 1,5% AVBZ en indien men jonger is dan 60 AOV. Curacao wil ook dat de penshonado BZV premie betaalt. Sommige penshonado's betalen echter nul procent inkomstenbelasting en nul procent premies dankzij een goede planning.
November 27, 2013
EEN GOED VERZORGDE OUDE DAG
Memorandum inzake Beschikking Pensioen
Bij Ministeriele
Beschikking met algemene werking van 29 juli 2000 (Pb 2000, No 76 is de
Landsverordening op de inkomstenbelasting 1943 ingrijpend gewijzigd. Vervolgens
hebben deze wijzigingen bij Landsverordening van 3 augustus 2001 (Pb, 94)
kracht van wet gekregen. Ook zijn door de wetgever in de Landsverordening op de
loonbelasting 1976 wijzigingen aangebracht. Onder meer zijn de artikelen 6A en
6B ingevoegd welke een kader scheppen voor een wettelijke regeling omtrent
pensioenen. Dit kader is bij Publicatieblad No 35, 2002 (Beschikking
pensioenen) nader ingevuld. Onderstaand wordt op deze regeling nader ingegaan.
Artikel 6A geeft
een definitie van een pensioenregeling welke er op neer komt dat een dergelijke
regeling ten doel heeft de verzorging van werknemers en gewezen werknemers bij
invaliditeit of ouderdom alsmede van hun nagelaten betrekkingen. Verder mag een
pensioenregelingen niet uitgaan boven hetgeen naar maatschappelijke opvattingen
redelijk wordt geacht. Tevens dient het lichaam dat als pensioenverzekeraar
optreedt de pensioenverplichting tot haar binnenlandse ondernemingsvermogen
rekenen.
Lid 2 van artikel
6A geeft dan aan de Minister van Financien de bevoegdheid om nadere regels te
geven omtrent het hierboven genoemde en om onder voorwaarden een afwijkende
regeling toch als een pensioenregeling in de zin van artikel 6A aan te wijzen.
Artikel 6B bepaalt
welke gebeurtenissen aanleiding geven om de pensioenaanspraak aan te merken als
loon. Dit doet zich voor bij afkoop en vervreemding en ingeval de regeling
voorwerp van zekerheid wordt; de verzekeraar ophoudt binnen de Nederlandse
Antillen te zijn gevestigd dan wel het pensioenvermogen niet langer (geheel of
gedeeltelijk) tot het binnenlands pensioenvermogen rekent; aan aanspraak
ingevolge een pensioenregeling wordt prijsgegegeven.
Afkoop wordt niet
getroffen door het hierboven bepaalde indien de pensioenverplichting geheel of
gedeeltelijk overgaat naar een binnen de Curacao gevestigde pensioenverzekeraar
die de verplichting tot zijn binnenlands ondernemingsvermogen rekent. Onder
voorwaarden kan de Minister van Financien dit ook van toepassing verklaren, zo
bepaalt lid 3 van artikel 6B, op pensioenverplichtingen welke geheel of
gedeeltelijk overgaan op een in Nederland, Aruba dan wel een verdragsland
gevestigde verzekeraar.
De Beschikking
pensioenen (hierna: “de Beschikking”) geeft nadere invulling aan 6A lid 2 en 6B
lid van de Landsverordening op de loonbelasting 1976 (hierna: “LLB”).
De Beschikking is
opgebouwd uit 16 artikelen. Artikel 1 geeft aan wie als verzekeraar wordt
beschouwd. Op grond van lid 1 letter d van dit artikel kan worden geconcludeerd
dat in ieder geval de opbouw in eigen beheer nog steeds mogelijk is. Expliciet
is uitgezonderd dat een Stichting Particulier Fonds als verzekeraar van een
pensioen kan fungeren.
Artikel 2 geeft aan
wat onder een maatschappelijk aanvaardbaar pensioen dient te worden beschouwd.
De navolgende criteria zijn van belang:
v Het pensioen bedraagt maximaal 70 procent van het pensioengevend loon
en wordt met een percentage van maximaal 2 per jaar opgebouwd. Er wordt een
rekenrente in aanmerking genomen van tenminste 4 procent.
v De pensioenrichtleeftijd van een ouderdomspensioen is 60 jaar en het
pensioen gaat niet eerder in dan op de 55-jarige leeftijd en iet later dan op
65-jarige leeftijd.
v Gaat het ouderdomspensioen eerder in dan bij de 60-jarige leeftijd dan
wordt het pro rata herrekend met inachtneming van actuariele grondslagen.
v Het ouderdomspensioen kan niet uitgaan boven 70 procent van het
pensioengevend loon op het tijdstip van ingang.
v Het weduwe-of-weduwenpensioen alsmede het wezenpensioen zijn
gemaximeerd tot respectievelijk 70 en 14 procent van het ouderdomspensioen en
mogen tezamen meer bedragen dan het voordien genoten pensioengevend loon
v Een invaliditeitspensioen bedraagt maximaal 80 procent van het
pensioengevend loon
v De pensioenuitkeringen mogen in hoogte varieren ten opzichte van
elkaar. De mate van variatie moet echter worden vastgesteld en verder geldt dat
de laagste uitkering niet lager mag zijn dan 75% van de hoogste uikering.
v Verder is een partnerpensioen toegestaan. Wordt er verder fiscaal enkel
rekening gekeken of men gehuwd of ongehuwd is; de beschikking houdt rekening
met degenen die een duurzame gemeenschappelijke huishouding voeren.
Het pensioengevend
loon omvat maximaal alle structurele vaste loonbestanddelen. Expliciet is
bepaald dat loon in natura eveneens hiertoe gerekend kan worden waardoor
bijvoorbeeld de auto van de zaak voor 15% van de cataloguswaarde tot het
pensioengevend loon kan behoren. Loonstijgingen welke zich voordoen gedurende 5
jaren voorafgaand aan de pensioendatum mogen slechts in aanmerking worden
genomen tot maximaal 2% boven de gemiddelde loonindex. Dit ligt anders indien
sprake is van een normale leeftijdsperiodiek of een gangbare functiewijziging.
Daartegenover staat dan weer dan met een loonsverlaging wegens demotie of het
aanvaarden van een deeltijdfunctie buiten aanmerking kan blijven indien deze
zich voordoet binnen 10 jaren voorafgaand aan de ingangsdatum van het pensioen.
De waardering van
de pensioenverplichtingen vindt plaats met inachtneming van algemeen aanvaarde
actuariele grondslagen. De te hanteren rekenrente bedraagt mininmaal 4%. Het
pensioenlichaam mag echter een algemene reserve van 10% van de wiskundige
reserve aanhouden. Een interessante aspect van deze waarderingsregels is de
volgende. De Beschikking is een uitvoeringsregeling van de artikelen 6A, tweede
lid ne 6B derde lid van de Landsverordening op de loonbelasting 1976. De
waardering van pensioenen regardeert de loonbelasting echter niet. Hetgeen de
vraag oproept of de Minister van Financien met deze beschikking op dit punt dan
ook niet te ver gaat. Volgens mij moet deze vraag bevestigend worden beantwoord
en is de Beschikking op dit dan ook onverbindend. Indien de Minister
waarderingsregels voor pensioenen wil invoeren zal dat moeten door daarvoor de
Landsverordening op de winstbelasting 1940 te wijzigen. Indien deze
bijvoorbeeld een kader hiervoor zouden scheppen zouden met een eenvoudige
wijziging van de Beschikking –door een verwijzing naar het desbetreffende artikel in de
Landsverordening op de winstbelasting 1940- de waarderingsregels voor
pensioenopbouw in mijn optiek niet langer onverbindend zijn. De beschikking
gaat echter nog verder. In artikel 12 stelt zij dat de waardering van
pensioenverplichtingen welke worden opgebouwd door lichamen vallende onder
artikel 2 lid 44 van de Landsverordening op de winstbelasting 1940, onder
bovengenoemde waarderingsregels vallen. Hier draait de Minister de zaken echt
om. Het kan nooit zo zijn dat een Uitvoeringsregeling van de loonbelasting
invulling geeft aan de winstbelasting zonder de in de desbetreffende
landsverordening daarvoor ruimte wordt geboden. De Beschikking is immers van
lagere orde dan de Landsverordening op de winstbelasting 1940. De Minister
schendt in casu dus tweemaal een beginsel. Als eerste door in de beschikking
zaken op te nemen welke deze niet mag regelen nu hier enkel invulling mag
worden gegeven aan zaken welke de loonbelasting betreffen en als tweede door
deze regeling van lagere orde aan te wenden om aan een landsverordening (van
hogere orde dus) invulling te geven terwijl daarvoor de basis ontbreekt.
Artikel 12 van de Beschikking is mijn visie derhalve eveneens onverbindend.
Artikel 13 bepaalt
dan nog dat op 31 december bestaande pensioenaanspraken van een directeur
–grootaandeelhouder en andere belastingplichtigen zonder gevolgen voor de
belastingheffing tot en met 31 december 2001 respectievelijk 31 juni 2002 in
overeenstemming kunnen worden gebracht met artikel 6A van de Landsverordening
op de loonbelasting 1976 en de daarop gebaseerde regelgeving. Tot dan mogen er
geen dotaties aan het pensioenlichaam en aftrek op het inkomen plaatsvinden.
Ook deze bepaling is wederom grotendeels zinledig omdat deze met name kijkt
naar pensioenopbouw welke de winstbelasting betreft en niet de loonbelasting.
Waar in de Beschikking melding wordt gemaakt van belastingheffing kan dit
immers enkel terugslaan op de heffing van loonbelasting omdat de Beschikking
niet verder mag gaan dan omtrent nadere invulling te geven.
www.mullertax.com
October 27, 2013
Gepensioneerde rijksambtenaren
Op Curacao wonen veel gepensioneerde rijksambtenaren. Vaak gepensioneerde defensie-ambtenaren die na hun pensioen op Curacao zijn gebleven of daar zijn teruggekeerd na eerdere ervaringen op ons eiland. Defensie verzorgt voor deze mensen vaak hun Nederlandse aangifte. Heffing over het pensioen van een rijksambtenaar is namelijk toegewezen aan Nederland. Alle andere inkomsten echter niet zoals (Nederlandse AOW of Curacaose AOV). Ook huuropbrengsten van bijvoorbeeld een appartement op Curacao zal getroffen worden met Curacaose belastingheffing.
De fiscus op Curacao heeft deze mensen in het vizier. Vaak is uit onwetendheid op Curacao geen aangifte inkomstenbelasting gedaan. De Curacaose belastingdienst is dan ook druk doende om deze mensen uit te nodigen aangifte te doen. Wij bieden een speciaal gepensioneerden tarief zodat u vantevoren weet wat de kosten zijn van het verzorgen van uw aangifte en het oplossen van inmiddels ontstane problemen door het niet tijdig doen van aangifte op Curacao.
Bel Sjouke of Peter op 7374916 indien u meer wilt weten.
De fiscus op Curacao heeft deze mensen in het vizier. Vaak is uit onwetendheid op Curacao geen aangifte inkomstenbelasting gedaan. De Curacaose belastingdienst is dan ook druk doende om deze mensen uit te nodigen aangifte te doen. Wij bieden een speciaal gepensioneerden tarief zodat u vantevoren weet wat de kosten zijn van het verzorgen van uw aangifte en het oplossen van inmiddels ontstane problemen door het niet tijdig doen van aangifte op Curacao.
Bel Sjouke of Peter op 7374916 indien u meer wilt weten.
www.mullertax.com
Subscribe to:
Comments (Atom)

