October 26, 2015

Gevecht tegen belastingontwijking wordt een uitputtingsslag

Fiscaal experts verwachten dat de Europese Commissie de zaak tegen koffieconcern Starbucks gaat verliezen bij het Europese Hof.
Aan ambitie heeft eurocommissaris van Mededinging Margrethe Vestager geen gebrek. Alle ondernemingen, groot en klein, moeten billijk belasting betalen, zei ze vorige week tijdens een persconferentie, waar ze onder meer Nederland een tik op de vingers gaf voor een fiscale afspraak die acht jaar geleden werd gemaakt met het Amerikaanse koffieconcern Starbucks.
Fiscale rulings (afspraken) die de belastingdruk van een onder­neming kunstmatig laag houden, zijn illegaal, voegde de Deense eurocommissaris eraan toe.
Starbucks gaat tegen de uitspraak in beroep. Belastingexperts menen dat Vestager de zaak tegen Starbucks bij het Europese Hof van Justitie waarschijnlijk zal verliezen, omdat de afspraak binnen de daarvoor geldende normen blijft. Ze verwijten Vestager dat zij politieke motieven heeft voor haar drieste actie tegen Starbucks en andere Amerikaanse concerns. Ze zou ook het imago van Nederland beschadigen.

Schimmige afspraken

Vestager weet zich echter gesteund door een deel van het publiek, dankzij recent gepubliceerde, nogal ruwe schattingen van de impact van het werk van agressieve tax planners, fiscaal adviseurs en bestuurders van concerns: jaarlijks ontwijken multinationals voor circa 200 miljard euro aan winstbelasting, beweert althans de Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling (OESO) een club van 34 ontwikkelde landen.
De Europese Commissie zal moeten bewijzen dat de belastingdeal met Starbucks illegale staatssteun is. Een oordeel van het Europese Hof is dringend gewenst, nu Europa doorslaat.Lees verder >
Dat zou ongeveer 10 procent zijn van alle winstbelasting die overheden mondiaal aan bedrijven opleggen. De Amerikanen zijn de grootste verliezers. Alleen al de 500 grootste Amerikaanse concerns genereren jaarlijks ongeveer 1.750 miljard euro aan winsten waarover in de Verenigde Staten geen belasting wordt geheven.
Dit ergert het Amerikaanse Congres mateloos. Congresleden willen een groter deel van de winsten van hun concerns in de VS belasten. Ze beschuldigen vooral kleinere landen, waaronder Luxemburg, Ierland en ook Nederland ervan dat die belastingontwijking faciliteren, met lage tarieven, fictieve aftrekposten en schimmige afspraken.

Complex

Ook drie grote Europese landen Duitsland, Frankrijk en Italië doen er in Brussel alles aan om de vrijheid van kleine EU-landen in te perken om fiscale afspraken met multinationals te maken.
Een voorbeeld maakt duidelijk hoe complex de werkelijkheid is. Apple heeft op zijn campus in Cupertino, Californië, de iPhone 6 ontwikkeld.
Cruciale onderdelen worden in de Verenigde Staten geproduceerd, simpeler onderdelen worden wellicht in China of elders gemaakt. Het apparaat wordt in China in elkaar gezet.
De totale productiekosten van de iPhone zijn circa 200 euro. De patenten, die het intellectueel eigendom van iPhone in Europa moeten beschermen, worden beheerd door een Apple-dochter in bijvoorbeeld Ierland. De smartphone wordt van China naar Nederland vervoerd en bij de Apple Store in Amsterdam voor 700 euro verkocht.

Hoogst haalbare

Hoe en waar gaan we die winst van 500 euro eerlijk belasten? In Amsterdam? In Ierland? In China? Of toch in de VS? Deze vraag is makkelijker gesteld dan beantwoord. Deze situatie schept dan ook mogelijkheden om belasting te ontwijken.
De strijd daartegen is taai doordat grote concerns hun geld vooral verdienen met het uitbaten van patenten en het gebruik van hun waardevolle merk(rechten). Dat zijn weinig tastbare zaken, die overal ter wereld bij een dochter kunnen worden ondergebracht, ook in Bermuda, Ierland, Luxemburg of Nederland.
De OESO probeert belastingontwijking tegen te gaan, maar het zal nog lang duren voordat winsten eerlijk worden belast. Meer transparantie over waar concernwinsten op dit moment worden belast, lijkt voorlopig het hoogst haalbare.

Royalties

Is Nederland een belasting­paradijs? Daarover verschillen de meningen. Staatssecretaris van Financiën Eric Wiebes (VVD) vindt nadrukkelijk van niet, zo heeft hij herhaaldelijk aan de Kamer geschreven. GroenLinks-leider Jesse Klaver vindt van wel.
Nederland is voor buitenlandse multinationals een aantrekkelijk land om neer te strijken. Dat is mede zo dankzij bepaalde belastingvrijstellingen, speciale lage tarieven op royalty's, en niet in de laatste plaats door het uitgebreide netwerk van belastingverdragen met andere landen, en de mogelijkheden om vooraf afspraken te maken met de fiscus over de belastingheffing.
De OESO wil transparantie afdwingen. Belastingautoriteiten van verschillende landen moeten elkaar gaan vertellen welke spe­ciale afspraken ze hebben gemaakt. Maar het ziet er niet naar uit dat de kwestie binnen een paar jaar geregeld is.
Elsevier nummer 44, 31 oktober 2015
Gevecht tegen belastingontwijking wordt een uitputtingsslag

Remko Nods

Remko Nods (1956) werkt sinds 1 augustus 2007 op de redactie economie van Elsevier.

Volg Remko Nods


October 20, 2015

Kassa registratie systemen

In het formele belastingrecht van Curacao zijn -niet zo lang geleden- bepalingen opgenomen die bepaalde types ondernemers dwingen om door de fiscus goedgekeurde en verzegelde kassa-systemen aan te schaffen. Er zijn maar weinig ondernemingen in Curacao die deze systemen kunnen leveren. En daar begint het eerste probleem. Door te weinig concurrentie zijn deze kassa-systemen peperduur en dat is zeker voor kleine ondernemers enorm vervelend. Dan bestaat de vraag of dit de belastingopbrengsten voor de Curacaose fiscus gaat verhogen. 


Waarschijnlijk niet zo wordt algemeen geconcludeerd. Je kunt natuurlijk verzegelen wat je wilt maar als een frauderende ondernemers kasopbrengsten niet aanslaat op dit kassa-systeem en tevens ontvangen gelden niet in die kassa doet belanden schiet het allemaal niet op. Deze wetgeving moet dan ook op de schop en dat gaat waarschijnlijk ook wel gebeuren. Tot dat moment stuurt de fiscus echter allerlei leuke jongelui op onze ondernemers af met brandbrieven over het aanschaffen van deze kassa's en/of printers. Als je niet meewerkt -dus zo een onbetaalbare kassa koopt- loop je het risico dat je onderneming wordt gesloten door de fiscus. Een client van ons kantoor kreeg vandaag ook zo een printer nogal dwingend aangeboden. Hij stelde technische vragen aan de jongelui die deze uiteraard niet of half konden beantwoorden. De ondernemer ging toen zelf maar naar het apparaat kijken en moest concluderen dat het minder kon dan het systeem waar hij nu mee werkt. Hij wordt nu gedwongen om voor de fiscus een apparaat aan te schaffen die hem als ondernemer minder informatie geeft dan zijn huidige systeem. Waardoor de fiscus het ondernemen negatief beinvloed. Een aantal andere ondernemers, die deze apparaten mogen leveren lopen inmiddels helemaal binnen. Mijn voorspelling is dat het niet voor hogere belastingopbrengsten gaat zorgdragen en dat straks tevens gaat blijken dat de leveranciers van deze apparaten geen goede after-sales kunnen bieden waardoor een boel ondernemers onnodig op kosten worden gejaagd. Ik ben inmiddels weer aan het studeren op het leerstuk van onrechtmatige wetgeving. Of zal ik ook een handeltje in kassa-systemen gaan opzetten?

October 15, 2015

BIG FOUR, NO MORE?


After a Big four partner boasted on linkedin that worldwide his company earned over US 35 billion in profit I reacted by stating that all that money (in fact it is much more of course) came out of the pockets of this firm's clients. The partner reacted professionally by expressing his hope that his "Big four" would continue to exceed their clients expectations. I do not think they do but hey, nothing wrong with that answer. An associate from another Big four company replied by asking if my firm's income does not come out of its clients pockets. Of course it does but we for one do not boast with respect to the amount. Both individuals seemed to have felt attacked by a mere observation. Interesting, because my intention was not to attack anyone. I do feel however that Big four has served its purpose. 

Our offices every year welcomes high net worth individuals from Big four. Most of the time I have the feeling that it is not the high fees that chase them away from Big four; they are high net worth individuals after all. It seems it is more the feeling being transmitted by big four that these individuals are not that important to them. Big four has bigger clients than high net worth individuals like listed companies. What also seems to chase away these persons is that Big four is riddled with scandal. Another observation from a new client was that he was somewhat appalled by the pricey cars he saw on Big four's parking lot. Of course he understands that these are being purchased with money out his -and other clients- pockets.
Internationally Big four also seems to loose ground. Our little firm has a perfect international network thanks to among other LinkedIn and personal contacts. We will however never sell a firm abroad to you just because we have to. Big four can of course never advice a client in the US to avail itself of services of a firm in an other country not carrying the same Big four brand. Smaller firms can and will because a bad referral reflects badly on themselves. Quality and personal attention makes that clients stay attached to boutique firms. Constant personnel changes in Big four forcing clients to constantly having to explain where they came from (financially and otherwise) is also not helpful. Contributing also is that clients understand that they pay for a lot of overhead that does not benefit them.
From a personal standpoint; I find it scary that when you want to go big you can only choose from four companies. I know, sometimes you have no choice but there should be more of them. On the other hand I feel however that Big four will slowly disappear. The possibilities that internet has to offer with among other free flow of knowledge will contribute to that.
I have worked in big four and what I disliked most in that environment is that actual knowledge was totally unappreciated. If you are higher ranking then per definition you are right and the lower ranking person is wrong. Let alone when a partner has an opinion to express. You need to have a democratic organization were it not alone for the quality to remain. If internally you can not cope with input from your professional staff you are doomed. And also, the millennials will not work for you if you do not provide arguments based on reason and not on rank.
So Big four, beware, the world is changing rapidly. Do you have the agility to cope? Our offices are located across from the street where a Big four firm has  its offices. A partner not so long ago jokingly asked my how it was to work in their shadow. My answer; shadows depend on the location of the sun. There was truth to his remark but that only goes for mornings. After lunch the sun favors our offices.

October 12, 2015

Fiscus beschuldigt Deloitte en EY van onrechtmatige daad

Fiscus beschuldigt Deloitte en EY van onrechtmatige daad




door Bart Mos en Joris Polman
De Belastingdienst heeft accountantsreuzen Deloitte en EY laten weten dat zij mogelijk aansprakelijk gehouden gaan worden wegens onrechtmatige daad in de btw-constructie voor superjachten. Dit meldt Henk Hop, architect van de inmiddels stopgezette ‘omzeilregeling’ voor miljonairs. 
In zogeheten ‘stuitingsbrieven’ houdt de fiscus beide kantoren voor dat zij bij de advisering van klanten om hun superjacht via een belastingparadijs aan te schaffen en deze vervolgens via een speciale constructie terug te huren, de Nederlandse schatkist voor miljoenen euro’s hebben benadeeld. De acties die de Belastingdienst onderneemt jegens Deloitte en EY zijn “ongehoord en ongekend”, meent Hop.         
Bij de belastingrechter in Arnhem lopen momenteel enkele procedures tegen jachteigenaren die op deze manier 19% korting op hun miljoenenschip binnensleepten. De Belastingdienst wil die korting nu terugvorderen. Zodra de rechter de fiscus gelijk geeft, dreigt een schadeclaim op zowel de mat van Deloitte als die van EY te vallen, aangezien zij de bewuste omzeilregeling (zie bijgaande folder in PDF) aan de man brachten. Diverse jachteigenaren zouden uit angst voor problemen met de fiscus een schikking hebben getroffen.    
Deloitte heeft in reactie op de aansprakelijkstelling een voorziening van 25 miljoen euro getroffen, zo meldde een partner van het accountantskantoor afgelopen week aan De Telegraaf. Maar in de ogen van belastingadviseur en btw-deskundige Henk Hop, tot 2010 werkzaam voor Deloitte, is die voorziening nergens voor nodig. “Daar zijn ze gewoon voor verzekerd”, aldus Hop.
De Belastingdienst is bezig met een heksenjacht tegen Nederlandse jachteigenaren, stelt de adviseur. “Elders in Europa gebeurt dit niet. Eerst zag de fiscus eind jaren negentig na een controle geen enkele aanleiding tot correcties. Maar enkele jaren later begonnen ze plotseling wild om zich heen te slaan, naar eigen zeggen op basis van nieuwe Europese jurisprudentie. Er zou in hun ogen sprake zijn van misbruik van recht. Dat is geen fraude, maar een fiscale term voor een ongewenste uitleg van wetgeving. Vanaf dat moment zijn we direct gestopt met het product.”
Zowel de structuur als de toepassing van de door Deloitte en EY aangeboden ‘omzeilregeling’ deugde, stelt Hop. Sterker nog: volgens de belastingadviseur werd de Nederlandse fiscus er zelfs beter van, aangezien er via de huursom voor het schip btw werd afgedragen. “Zonder die constructie had de Belastingdienst nul euro ontvangen.  Tot nu toe heeft de fiscus ook alle procedures tegen alle betrokkenen verloren. De bij de constructie betrokken jachtmakelaar De Valk won zelfs tot aan de Hoge Raad”, aldus Hop.
Deloitte en EY wilde afgelopen dagen niet reageren op nadere vragen over het belastingconflict en de opmerkelijke dubbelrol die EY hierbij speelde, namelijk zowel als onder vuur liggend fiscaal adviseur als als controlerend accountant van Deloitte.  

www.telegraaf.nl

September 18, 2015

Aandachtspunten voor belastingadviseurs (1) Procederen

Uw client benadert u met een aanslag die volgens hem niet in overeenstemming is met de gedane aangifte. U gaat in bezwaar. Als belastingadviseur dient u zich te realiseren dat u vanaf dat moment aan het procederen slaat.



Onze of counsel, mr. Leo Delfgaauw, zegt altijd: "Procederen is faciliteren". Hij bedoelt daarmee dat uw bezwaarschrift zo behapbaar mogelijk moet zijn voor de beoogde lezer. Bij een bezwaarschrift is dat de fiscus uiteraard. Wij geven u echter in overweging om het bezwaarschrift dusdanig op te stellen dat het meteen een prima document vormt voor de mogelijk volgende stap: een procedure voor de fiscale rechter>

Zorg derhalve dat u de dagtekening van de betreffende aanslag vermeldt en geef aan dat uw client ontvankelijk is in zijn bezwaar.

Dan omschrijft u -zo compact mogelijk- alle feiten en omstandigheden van het voorliggende geval en u eindigt met een conclusie of zo u wilt een verzoek.

Een afsluitende zin kan bijvoorbeeld zijn: "Wij concluderen tot vernietiging van de aanslag".

In het kader van een optimale rechtsbescherming van uw client dient u aan te geven of er motiveringsgebreken kleven aan de betwiste aanslag, u dient om bewijs van indiening van het bezwaarschrift te verzoeken en -als de omstandigheden daartoe aanleiding geven- een beroep te doen op proceskostenvergoeding.

Schroom niet om meteen producties bij het bezwaarschrift te voegen. Dat geeft meteen voor de fiscus aan dat u al het voorwerk hebt gedaan om de confrontatie ten overstaan van de belastingrechter voort te zetten.

Mocht u vragen of opmerkingen hebben naar aanleiding van het bovenstaande kunt u altijd contact opnemen: peter.muller@mullertax.com

September 11, 2015

Nieuwe bilaterale regeling tussen Nederland en Curaçao, alsmede toepassing artikel 35a huidige BRK in 2016












Nieuwe bilaterale regeling tussen Nederland en Curaçao, alsmede toepassing artikel 35a
huidige BRK in 2016


1. Inleiding 

In december 2013 is tussen Curaçao en Nederland overeenstemming bereikt over de tekst van een
nieuwe bilaterale regeling ter voorkoming van dubbele belasting tussen beide landen. Bedoeling is
dat deze nieuwe bilaterale regeling de huidige uit 1964 daterende Belastingregeling voor het
Koninkrijk (BRK) in de verhouding Nederland- Curaçao gaat vervangen.
De nieuwe bilaterale regeling zal de formele status krijgen van een Rijkswet. Alvorens de nieuwe
bilaterale regeling toepassing kan vinden, dient het parlementaire traject in beide landen doorlopen
te zijn. De nieuwe bilaterale regeling zal vanaf 1 januari 2016 gaan gelden.

2. Hoofdlijnen uit de regeling en toepassing artikel 35a huidige BRK

  Tot 5 jaar na emigratie kan erf- en schenkingsrecht worden geheven onder verrekening van
de heffing in het andere land (subsidiair heffingsrecht);

  Nederland en Curacao zullen (automatisch) informatie uitwisselen conform de internationale
standaard;

  naast een bronheffingspercentage voor dividenden van 15 procent zal er voor actieve
vennootschappen een nulprocenttarief komen op deelnemingsdividend. Hierbij zal worden
voorzien in een zogenoemde ‘limitation on benefitsbepaling’;

  voor bestaande participaties van ten minste 25 procent die niet in aanmerking komen voor het
nulprocenttarief geldt tot uiterlijk eind 2019 een bronheffingspercentage op
deelnemingsdividenden van 5 procent;

  voor niet overheidspensioenen geldt een gedeeld heffingsrecht met een bronstaatheffing van
15% in combinatie met eerbiedigende werking (woonstaatheffing) voor ingegane pensioenen
van Nederlanders  die  reeds op Curacao wonen;

  een bronstaatheffing voor de beloningen van sporters en artiesten;

  een bronstaatheffing voor beloningen voor het verrichten van diensten langer dan 183 dagen
(service PE);

  een bronheffingsrecht voor dividenden en vervreemdingswinsten over voor emigratie
opgebouwde aanmerkelijk belangwinsten;

  een regeling gericht op zogenoemde hybride entiteiten;

  een regeling voor onderling overleg met de mogelijkheid van (verplichte) arbitrage;


September 07, 2015

Muller & Associates behaalt bijzonder resultaat in beroepzaak mbt Tax Holiday


Uitspraak in Beroep tegen afwijzing van toekenning Tax Holiday!

Let op het tijdsverloop van deze procedure. Namens een investeerder deed Muller & Associates op 12 mei 2010 een verzoek om toekenning van een zogenaamde Tax Holiday faciliteit. Op 5 februari 2013 werd dit verzoek bij Landsbesluit afgewezen. Op 14 maart 2013 kwamen wij in beroep tegen dit landsbesluit.

Wij ontvangen vervolgens op vrijdagmiddag rond de klok van half vijf 13 maart 2015 een vertoogschrift van de Gouverneur

en komen er op dat moment achter dat op de maandag daarop (16 maart 2015) wij geacht worden om onze standpunten ten overstaan van de Raad van Beroep te verdedigen. Een oproeping had ons nimmer bereikt.

Wij hebben het weekend derhalve besteed aan het opstellen van pleitnotities.

Cliente voldeed aan alle objectieve criteria welke de betreffende tax holiday wetgeving vereist. Er bestaat echter ook een subjectief criterium: namelijk dat het betreft een bedrijf "waarvan verwacht kan worden dat zij zal bijdragen tot verbreding van de economische basis van Curacao". U voelt hem wel aankomen. De gouverneur was van mening dat dat in casu niet het geval was. Even daargelaten dat het bepaald bevreemdend is als je investeerders wilt aantrekken waarom je dan zo enorm je best gaat doen om te zoeken naar redenen om te weigeren had de Raad van Beroep daar ook nog een mening over.

De Raad begint met te zeggen dat de beleidsvrijheid van de Gouverneur niet zover kan gaan dat deze totaal niet onder een wettelijk toetsingskader te brengen kan zijn en gaat dan verder door te zeggen dat voorts heeft te gelden dat de voorwaarde van "verbreding van de economische basis" geobjectiveerd moet worden bezien. Met andere woorden: de Raad vindt dat deze subjectieve eis ook geobjectiveerd moet worden. Daar heeft de Raad om twee redenen natuurlijk volslagen gelijk in. De eerste reden is dat anders de Gouverneur voor dit onderdeel van een Landsbesluit nimmer rechterlijk getoetst kan worden. De tweede reden is dat anders de deur naar volslagen willekeur wagenwijd wordt opengezet.

De Raad vervolgt dan door te overwegen dat 'de Gouverneur het verzoek van belanghebbende niet, althans niet op de hier aan de orde gestelde gronden, had mogen afwijzen." De Gouverneur wordt vervolgens opgedragen om een nieuwe beslissing te nemen met inachtneming van dit oordeel van de Raad.

De klapper zijn de laatste twee zinnen van de Uitspraak: "................, doch dat niet is bedoeld die toekenning te (kunnen) weigeren indien wordt voldaan aan de wettelijke voorwaarden daarvoor, onder welke de voorwaarde dat, geobjectivieerd bezien en naar maatstaven van de met de belastingfaciliteiten te stimuleren economische doelstellingen, aan verbreding van de economische basis van Curacao wordt bijgedragen. Voorzover de Gouverneur heeft gesteld dat het voorgaande anders zou zijn, acht de Raad dienst standpunt vooralsnog onjuist.




Beslissing

De Raad verklaart het beroep gegrond, vernietigt het bestreden landsbesluit en draagt de Gouverneur op opnieuw op het verzoek van belanghebbende te beslissen met inachtneming van deze uitspraak.